Tier classificaties van datacenters: het verschil tussen uptime en gegarandeerde uptime

Geplaatst op 29 Mei 2018 NIEUWS

Tijdens het Tier IV event van NLDC en ISPConnect ging Simon Besteman, directeur van ISPConnect en expert op het gebied van datacenters, uitgebreid in op Tier classificaties. Centraal stond daarbij de vraag wat de verschillende classificaties inhouden, en waarom certificering van belang is bij het kiezen van een datacenter.

De Tier classificaties zijn opgesteld door het Amerikaanse Uptime Institute en worden wereldwijd erkend als de leidende standaarden voor het ontwerp, de bouw en operations van datacenters. De classificaties zijn evidence based, objectief en certificering wordt alleen toegekend na een grondige audit door het Uptime Institute. Na toekenning van een classificatie worden deze audits regelmatig herhaald.

Er zijn vier classificaties die de mate van garanties op uptime en continuïteit uitdrukken. Tier I moet gezien worden als de laagste garantie op beschikbaarheid en continuïteit, een Tier IV certificering vormt de hoogste garantie op continuïteit. Deze garanties bestaan onder meer uit de manier waarop de stroomvoorziening al dan niet redundant (dubbel) zijn uitgevoerd, welke maatregelen zijn genomen om onderbrekingen in de stroomvoorziening te ondervangen en bijvoorbeeld de mate van fysieke beveiliging van het gebouw tegen bijvoorbeeld brand.

De vier Tier classificaties van het Uptime Institute

Tier I – 99,671% beschikbaarheid: Architectuur met een noodstroom generator, UPS en koelsystemen, en distributie netten. Deze mogen enkel uitgevoerd worden. Bij gepland onderhoud, en/of vervangen van systemen kunnen en mogen de ICT systemen die niet beschermd zijn tegen uitval van het net niet beschikbaar zijn. Er mogen en zullen “single points of failure” zijn. Bij een storing of onderhoud kan daardoor onbeschikbaarheid optreden voor de ICT diensten.

Tier II - 99,741% beschikbaarheid: Tier I + actieve componenten zoals UPS’en, pompen en generatoren uitgevoerd als N+1, wat wil zeggen dat op deze onderdelen gepland onderhoud kan worden  uitgevoerd zonder dat het onbeschikbaarheid hoeft op te leveren voor ICT diensten.

Tier III – 99,982% beschikbaarheid: ‘Concurrently maintainable.’ Dit wil zeggen dat onderhoud kan worden uitgevoerd zonder invloed op de beschikbaarheid van ICT diensten. Ieder en elk onderdeel moet vervangen kunnen worden zonder verlies van N capaciteit voor de ICT. Door de N+1 opstellingen kunnen enkelvoudige storingen worden opgevangen.

Tier IV –99,995% beschikbaarheid: Is net als Tier III concurrently maintainable, maar zo opgebouwd dat ook sprake is van ‘fault tolerance’. Dit wil zeggen dat iedere storing (enkelvoudig) mag optreden zonder dat het gevolgen heeft voor de dienstverlening. Ook mag geen domino-effect optreden bij storingen (compartimentalisatie).

Door de steeds grotere digitale afhankelijkheid van bedrijven is het onderbrengen van de IT in een datacenter een eerste stap naar meer bedrijfszekerheid. Bedrijven die voor hun business model volledig afhankelijk zijn van online beschikbaarheid, denk aan service providers zoals cloud- en hosting providers en online platformen, kunnen niet zonder toetsbare garanties op beschikbaarheid. Voor deze categorie bedrijven is het belangrijk om harde zekerheden af te kunnen geven aan klanten over de beschikbaarheid van hun diensten.

Een Tier IV gecertificeerd datacenter is in dat geval de beste keuze. De garanties op beschikbaarheid zullen een positief effect hebben op de risicoanalyse van een klant, terwijl de service provider zijn dienstverlening aanscherpt.